Eenzaamheid: verkeerde definitie leidt tot verkeerde oplossingen

Op dit moment staat het probleem ‘eenzaamheid’ sterk in de belangstelling. Mensen worden ouder, en worden geacht ook eenzamer te zijn. Voordat men echter goedbedoelde acties onderneemt om iets aan die eenzaamheid te doen, is het belangrijk beter te kijken naar wat er daadwerkelijk aan de hand is. Want een verkeerd beeld van het probleem leidt tot verkeerde oplossingen. Sociale contacten zijn namelijk zelden het knelpunt. Vaker is het probleem een gebrek aan zinvolle bezigheid. Een ingezonden artikel.
 
Eenzaamheid wordt algemeen gezien als een gebrek aan sociale contacten, maar als mensen zelf zeggen dat ze eenzaam zijn, kan dat een andere oorzaak hebben. Iemand die kortgeleden zijn of haar partner heeft verloren en zegt: “ik ben zo eenzaam”, zegt eigenlijk die andere persoon zo pijnlijk te missen. Allerlei gezelligheidsactiviteiten organiseren helpt dan helemaal niet om dat gevoel te verminderen, integendeel. Mensen in de rouw hebben vaak meer behoefte aan rust in hun eigen plek om hun verlies te verwerken, dan aan afleiding.
 
Eenzaamheid is leegte
Toen ik eens op een lange vakantie weg was na een ziekte, schreef mijn vader me: Je moet gaan tekenen, want anders ga je je eenzaam voelen. Hij legde een verband tussen bezigheid en eenzaamheidsgevoelens. En hij had gelijk. Een intensieve hobby kan maken dat je je niet eenzaam voelt, ook al woon je alleen en zie je zelden iemand, zoals bleek bij een onderzoek van de ANBO in Stadskanaal, waar iemand, hoewel alleenstaand, zei niet eenzaam te zijn omdat hij een fervente modelspoor-hobbyist was.
 
Maar al te vaak gaan mensen op bezoek bij iemand die eenzaam is om die op te peppen. Maar dit heeft veelal maar weinig zin. Want als het bezoek weg is, is men nog net zo eenzaam. Er is namelijk iets anders aan de hand: een gevoel van zinloosheid. ‘Wat betekent het nog dat ik leef? Ik kan er net zo goed niet zijn’, is wat er eigenlijk wordt gevoeld. Maar dat wordt dan niet gezegd, men zegt dat men eenzaam is. Eenzame mensen voelen zich verwaarloosd, maar er is vaak ook sprake van een leegte omdat zij zelf niet iets van waarde doen. En dat is dus het probleem waarmee we ouderen die zich zo voelen mee zouden moeten helpen.
 
Heeft u iets te bieden?
Een vriendin van mij heeft, na het lezen van mijn boek Levenskunst van ouderen, haar huisbezoeken veranderd. Zij is lid van de vrijwillige Thuishulp en was gewend de bejaarde, thuiswonende ouderen te vragen of ze iets nodig hadden. Nu heeft ze haar vraag uitgebreid. Na de eerste vraag naar hun behoeften, vraagt ze “En heeft u ook iets te bieden?”. Die vraag verrast en wordt plezierig gevonden. “O, kan ik iets bieden? Heb ik iets te bieden...?” Op die vraag volgt een hele uitzoekerij om het aanbod uit te zoeken en te matchen met een vraag. Daar kan vaak een Vrijwilligerscentrale goed bij helpen, maar veel vragen zijn ook bij de Thuishulp bekend. Zo kan iemand bijvoorbeeld voorlezen voor een slechtziende leeftijdsgenoot of iemand die nog kan autorijden kan een ander ergens heenbrengen. De vraag moet vooral zijn: wat heeft iemand voor capaciteiten en mogelijkheden? Het gaat meestal om kleine dingen die voor anderen heel belangrijk zijn. Mijn partner Joos bijvoorbeeld is 87 jaar en hij leest peutertjes voor bij de kinderopvang. Dolle pret bij alle partijen, maar nu gaat hij het ook doen voor een emigrantenjongetje en zijn moeder die geen woord Nederlands spreken. Er zijn talloze mogelijkheden. Mensen kunnen helpen de administratie op orde te brengen
 
Zinvolle bezigheden helpen zoeken
De mensen waarover ik spreek zijn beperkt in hun energie en mogelijkheden, maar er is bijna altijd iets te doen voor een ander. En dat haalt iemand echt uit zijn of haar isolement. Sociale contacten zijn zelden het knelpunt, maar het is gebrek aan zinvolle bezigheid. Daar iets aan te doen, helpt werkelijk tegen eenzaamheid. En soms is het wel belangrijk dat iemand op weg wordt geholpen.
 
Verandering in benadering nodig
Dit principe, het zoeken naar mogelijkheden, ook van patiënten of zeer oude mensen, om iets voor een ander te doen, is nog niet altijd te vinden in de benadering van hulpverleners, vrijwillig of professioneel. Het komt ook niet voor in het standaardwerk over eenzaamheid van Dr. de Jong-Gierveld. En toch liggen hier gouden mogelijkheden. Men wil wel activeren, maar is niet gericht op het helpen van een medemens. Ik zou eenzaamheid daarom liever ‘leegte’ willen noemen.
 
Blijft over dat er natuurlijk situaties zijn waar men bedlegerig is en bezoek heel erg welkom en nuttig is, maar dan bezoek op regelmatige tijden zodat men er op kan rekenen en er zich een vriendschap kan ontwikkelen. Een dame van 84 jaar belde me eens om me te bedanken. Ze zei dat ik haar op het spoor van vrijwilligerswerk had gezet, iets waar ze zelf helemaal niet aan had gedacht. Ze bezocht iedere week twee mensen in een geriatrische inrichting. “Ik vind dat heel prettig en zij ook”. Dat bezoek, iedere week, waar men naar uit kan kijken, helpt wel voor mensen die helemaal immobiel zijn geworden.
 
Over de auteur
Liebje Hoekendijk is auteur van Levenskunst van ouderen en De glans van grijs. Zie voor meer informatie haar website: www.liebjehoekendijk.nl.


Liebje Hoekendijk, Geplaatst: 29 mei, 2012





Reacties op dit artikel:


- Nog geen reacties

Uw reactie, mening:
Vul het volgende veld niet in:
Naam:
Email:
Bericht:

Uw reactie is niet anoniem. Uw IP adres zal worden opgeslagen.





Copyright © 2007 - 2013