Redesigning dementia care. An evaluation of small-scale homelike care environments
Auteur: Hilde Verbeek
Kleinschalige woonvormen zijn sterk in opkomst in de verpleeghuiszorg voor ouderen met dementie. In deze woonvormen woont een beperkt aantal (doorgaans zes tot acht) ouderen samen in een huiselijke en herkenbare omgeving. In dit proefschrift beschrijft Verbeek de resultaten van haar onderzoek naar kleinschalige woonvormen. Ze gaat hoofdzakelijk in op de effecten ervan op bewoners, hun mantelzorgers en verzorgenden. Hiervoor is de zorg in kleinschalige woonvormen een jaar lang vergeleken met die op traditionele verpleeghuisafdelingen. Daarnaast beschrijft zij ervaringen met kleinschalige woonvormen en internationaal vergelijkbare concepten.
Het onderzoek laat een genuanceerd beeld zien van de effecten van kleinschalig wonen. Uit de studie blijkt dat de kwaliteit van leven van bewoners in kleinschalige woonvormen niet verschilt van die van vergelijkbare bewoners in traditionele verpleeghuizen. Tussen beide groepen zijn ook geen verschillen aangetroffen in neuropsychiatrische symptomen en onrust. De arbeidstevredenheid en -motivatie van medewerkers verschillen ook niet. De betrokkenheid van familieleden van bewoners op kleinschalige woonvormen is niet anders dan die op traditionele afdelingen. Wel ervaren familieleden van bewoners van kleinschalige woonvormen een minder zware zorgbelasting. Ze zijn ook meer tevreden over de zorg dan familieleden van bewoners op traditionele afdelingen. In kleinschalige woonvormen worden, tot slot, minder vrijheidsbeperkende maatregelen en minder kalmerende medicatie gebruikt.
Dit proefschrift laat zien dat kleinschalige woonvormen niet per se een betere zorgvoorziening zijn dan gewone verpleegafdelingen voor ouderen met dementie. Een volledige overgang naar kleinschalige woonvormen is daarom niet vanzelfsprekend.
Maastricht: Universiteit Maastricht, 2011, ISBN 978 90 902 6022 8
Geplaatst: 05 mei, 2011
Reacties op dit artikel:Simone Hardi
19 mei 2011 - 17:00
Als bezoeker van verpleeghuizen zie ik wel verschillen: als kind kwam ik bij mijn oma die in een lange gang ergens een kamer had met een paar anderen en in de woonkamer met 20 anderen zat; als je een verpleegster zocht moest je overal en lang zoeken omdat de afdelingen zo groot waren; nu doet een unit meer als een woonhuis aan: is de verpleegster snel gevonden en is de eettafel net zo groot als bij veel mensen thuis. De woon- en slaapkamers komen op mij veel rustiger over en dat zou toch een verschil in gedrag en reacties van bewoners en verzorgers op moeten leveren. Hoe meet je geluk eigenlijk?
Jos van der meulen
19 mei 2011 - 16:30
Je zou bijna denken:"dit kan toch niet waar zijn!", geen verschillen in kwaliteit van leven, neuropsychiatrische symptomen en onrust, arbeidstevredenheid en motivatie.Waarom zijn we ooit begonnen met kleinschalige woonvormen?, "Terug naar grote afdelingen?" U als potentiele bewoner mag het zeggen. Ik weet het wel kleinschalig is gewoon gezelliger voor iedereen en dat is gelukkig niet te meten.
Uw reactie, mening:Uw reactie is niet anoniem. Uw IP adres zal worden opgeslagen.